Stockholmen van geluk
In het holst van de nacht in mijn slaapkamer in Meppel bekijk ik fragmenten met daarin anekdotes over ons aller Ajax en zijn supporters dat…
Stockholmen van geluk

Artwork van https://www.barrypirovano.com/
In het holst van de nacht in mijn slaapkamer in Meppel bekijk ik fragmenten met daarin anekdotes over ons aller Ajax en zijn supporters dat in ’95 de Champions League won. Het laptopscherm is de enige lichtbron van de kamer en een van sterkte afwisselend licht zorgt ervoor dat de bultjes op mijn armen goed zichtbaar zijn. Om de minuut heb ik last van kippenvel waarbij ik in de gaten moet houden dat de haartjes in mijn arm niet echt uit mijn arm schieten. Wat een ongelofelijk gevoel moet dat geweest zijn.
Het enige wat ik me van die overwinning kan herinneren zijn de aluminiumachtige opblaas CL-bekers die bij de plaatselijke supermarkt werden uitgedeeld. In een woonboerderij aan de rand van Meppel rende ik door de kamer met dat ding zonder ook maar enig besef te hebben van welke scenes ik nou naspeelde. Van voetbal moest ik weinig hebben, althans op TV. Maar opeens was er iets speciaals, ik zag de ogen van mijn broer glunderen en zijn glimlach was niet weg te krijgen. Zelfs mijn vader, die met Amsterdams bloed in zijn aderen, helemaal niks met Ajax had en misschien nog wel minder met sporten, heeft die avond een lach op zijn gezicht gehad. Althans dat moge ik graag denken. Hij zal zelf nooit meer een antwoord kunnen geven op die vraag en anderen zullen mij niet kunnen helpen met het antwoord. Want als hij daadwerkelijk een glimlach op z’n gezicht had zou alleen een donker hoekje in de kamer die aanschouwd hebben.
Ik ben nooit in De Meer geweest en het Olympisch stadion is voor mij een monument dat ik herken van de beelden van vroeger. Ik durf er eigenlijk niet naar binnen te gaan, uit angst dat alle magie allang vervlogen is en dat een monument verpest wordt. Iets wat een destijdse vriendin van mij al voor een klein gedeelte deed toen ze zei: “Mwah, ik heb niks met het Olympisch Stadion. Ik kreeg er vroeger altijd gymles, dus ik vind het niet veel aan.” Ik was net verliefd, was dit een tijdje later gebeurd had ik waarschijnlijk hartstochtelijk ‘TRUT!’ geschreeuwd.
Eigenlijk heeft de Ajax liefde mij pas veel later bereikt. Jarenlang heb ik andere clubs gesupport om mijn broer te tergen en als ik over zijn schouder op teletekst zag van wie Ajax had verloren, juichen voor die club. Of welke club gewoon slecht was en ik uit liefde voor de underdog die maar steunde. Op die manier heeft NAC Breda ooit een speciaal plekje in mijn hart veroverd. Maar Amsterdam heeft altijd een plek in mijn hart gehad, mede daardoor heb ik nooit voor een Rotterdamse club kunnen juichen. Dit verklaart achteraf waarom mijn broer meestal maar nurks reageerde als ik het vervelende broertje probeerde uit te hangen.
10 jaar geleden is het bij echt gaan broeien. Ik kwam weer vaker in Amsterdam en begon het Ajax voetbal ook steeds meer te volgen. Van sporadische bezoekjes aan de arena naar steevast alle Europese en bekerwedstrijden bezoeken tot aan mijn eerste seizoenskaart, vlak na het overlijden van mijn vader. Dat seizoen vond ik een uitlaatklep dat voor mijn emoties. Dat seizoen heb ik heel wat verdriet kunnen wegslaan tegen de reclameborden die zo fijn over het vak galmden.
Vaak zeg ik nog dat voetbal een guilty pleasure is van mij, omdat mensen over het algemeen niet eens willen inleven in het wereldje. Een slap excuus natuurlijk, maar ik maak het me soms gewoon graag makkelijk. Helemaal omdat een mening over voetbalsupporters hebben vandaag de dag nog nooit zo makkelijk is geweest. Maar de dagen dat ik mijn club aanmoedig voel ik iets waar andere jaloers op mogen zijn. Van de diepe dalen tot momenten van complete euforie. Iets wat niet te omschrijven valt, waardoor ik meestal maar de gemakkelijke weg kies.
Daarom geloof ik dat er wonderen mogelijk zijn, dat Ajax momenteel spelers heeft die straks die cup aan zijn oren optilt en tijdens het omhoog houden in de reflectie zijn tranen van geluk ziet. Ik geloof dat ik zoiets ga mee maken en het jarenlang koester. Dat ik op elk feestje en partijtje Ajacieden ga opzoeken om die momenten weer te herbeleven. Dat ik over 30 jaar als beginnend ouwe lul op een podium mijn anekdote vertel, een jongen uit Meppel dat fragment ziet en voelt alsof hij er zelf ook bij was. En op dat moment zich onderdeel voelt van een groter geheel, niet van alleen van een club maar van een geschiedenis.
메타데이터
- post_id
- c6f89fe7ff4d
- slug
- stockholmen-van-geluk-c6f89fe7ff4d
- url
- https://medium.com/@mensus/stockholmen-van-geluk-c6f89fe7ff4d
- canonical_url
- https://medium.com/@mensus/stockholmen-van-geluk-c6f89fe7ff4d
- author_url
- https://medium.com/@mensus
- status
- ok
- fetched_at
- 2026-07-30 12:48:49